dinsdag 13 december 2016

Verse kippensoep.

Krachtvoer op de tafel vandaag.
Ik kan het gebruiken.
De nieuwe chemobehandeling draait mijn maag om, dus maken we wat licht verteerbaar.
Verse kippensoep op het menu.
Het is een eenvoudige soep, maar vraagt wel wat werk.
Een heerlijk en gezond tussendoortje, of een vooraf aan een hoofdschotel.
Omdat er wel wat werk aan is, maak ik altijd wat meer.
We hebben een ruime pot nodig, met een liter of vijf inhoud. Een snijplank, een scherp mes, een schaal, nog een tweede pot van tenminste vier liter, een zeefspaan en een zeef.
Voor de ingrediënten gaan we weer winkelen. We gaan langs de beenhouwer of polier, en kopen drie flinke kippenbillen. Geen kippenboutjes, we willen de bil erbij.
daarna gaan we langs de groentewinkel en kopen een bussel witte selder, drie flinke preien, vier stevige winterpenen (wortelen), twee uien en een lookbol.
Bij de kruidenier pikken we verse tijm op, gedroogde laurier, en kruidnagels als we dat niet in het kruidenrek hebben staan.
We gaan aan de slag. Reken op dik anderhalf uur, gaartijd inbegrepen.
Pel de uien en snij ze grof.
Kuis één prei, verwijder het loof en snij deze ook grof.
Schil een flinke winterpeen met de dunschiller en snij deze ook grof.
Kuis de selder, neem vier stelen apart, het loof kan je in de soep doen en snij de overige stelen grof.
Doe alle groenten in de pot van vijf liter.
Kruid ruim met grof gemalen zwarte peper, een flinke snuif zout, en vier kruidnagels.
Pel vier tenen look, kneus de look en doe deze ook in de pot.
Voeg twee takken tijm toe, en vijf laurierblaadjes.
Zet dit alles onder met koud water, en breng aan de kook op een hoog vuur.
Als je bouillon kookt voeg je de drie kippenbillen toe.
Zorg ervoor dat ze onder water staan. Indien nodig voeg je heet water toe. De kippenbillen voegen we pas toe als de bouillon kookt omdat ze anders taai wordt. Breng terug aan de kook en draai het vuur laag, zodat de bouillon pruttelt.
Neem nu de vier stelen selder die je apart hield, en snij deze in fijne blokjes van ongeveer 3 bij 3 millimeter. In een brunoise snijden heet dat. Kuis de twee resterende preien, verwijder het loof en snij deze ook in een brunoise.
Schil resterende drie winterpenen met de dunschiller en snij ook in een brunoise.
Doe de in brunoise gesneden groenten in een schaal en hou deze apart.
Als de bouillon een dik uur heeft geprutteld, neem de pot van het vuur, en haal de kippenbillen voorzichtig uit de bouillon. Hou deze apart op een bord, en laat ze even afkoelen.
Haal de grof gesneden groenten  (voor de GFT bak) zo veel mogelijk met een zeefspaan uit de bouillon, en giet daarna de bouillon door een zeef in de pot van vier liter.
Je hebt nu een klare bouillon.
Was de pot van vijf liter af, en giet de bouillon hierin over.
Zet deze terug op het vuur, en voeg de in brunoise gesneden groenten toe.
Neem de kippenbillen, verwijder het vel en pluk het vlees van de botten.
Snij het vlees in kleine stukjes en voeg toe aan de bouillon. Voeg heet water toe aan de bouillon tot drie centimeter inoder de rand van je pot.
Breng alles aan de kook, en laat nog een kwartiertje pruttelen. Proef, en kruid eventueel bij. Als je bouillon niet krachtig genoeg smaakt kan je één of twee kippenbouillonblokjes toevoegen. Laat deze nog vijf minuutjes meekoken.
Voor de liefhebbers kan je de laatste drie minuten 70 gram lettertjes (pasta) toevoegen. Ik persoonlijk hou daar niet zo van.
Serveer de soep heet, met eventueel een stukje brood.
Smakelijk.

Ingrediënten:

Drie kippenbillen.
Vier winterpenen
Drie stevige preien
Een flinke bussel witte prei
twee uien
Vijf laurierblaadjes
Twee takjes tijm
Vier tenen look
Eén of twee kippenbouillonblokjes
Zwarte peper
Zout
Eventueel 70 gram pastalettertjes

woensdag 7 december 2016

Traag gegaarde lamsschouder met gestoofde worteltjes en natuuraardappelen

Receptje nummer twee.
Ook een gemakkelijke deze keer.
We hebben er wel wat meer tijd voor nodig.
Reken op zo'n drie uren om dit gerechtje op tafel te zetten.

Wat hebben we nodig aan materiaal?
Een braadslee, of een ruime vuurvaste schaal.
Twee potten, een steelpannetje en een flinke pan.
Een scherp mes.
Een snijplank.
Een fijnmazige zeef.
Een staafmixer.
aluminiumfolie.

Koken begint zoals altijd met winkelen. Probeer van het winkelen een leuk moment te maken, geen stressmoment. De beste manier om stress te vermijden tijdens het winkelen is hypermarkten links te laten liggen. Niks zo leuk als bij de lokale handelaar je spullen te halen.
Om lamsschouder te maken hebben we een lamsschouder nodig. Voor vier personen voldoet één lamsschouder. Een lamsschouder weegt ongeveer 1,5 kg.
Als je niet beschikt over een ruime oven vraag je best aan je beenhouwer om de poot van de schouder te scheiden. Op deze manier past de schouder en de poot in een schaal of pot met een diameter van +/- 20 cm.
In de groenten en fruit winkel kopen we twee stevige uien, 1,5 kg wortelen en 1 kg aardappelen. Persoonlijk hou ik van een bloemige aardappel, maar een vastkokende is even goed. Da's een kwestie van smaak.
Vier vleestomaten hebben we ook nog nodig. En verse look.
Wat verse tijm, een paar laurierblaadjes en de traditionele zwarte peper en zout hebben we graag binnen handbereik.
Braadmargarine staat ook op het lijstje.
Een eenvoudige witte droge wijn is altijd handig, al hoeft dat niet per sé.

Een uur of drie voor we willen gaan eten moeten we aan dit gerechtje beginnen. Neem de braadslee en zet die op een hoog vuur op je fornuis. Als je geen braadslee hebt gebruik je een grote braadpan. Doe er een flinke eetlepel braadmargarine in en wacht tot de boter zingt. Schroei de lamsschouder aan beide zijden dicht. Dit zou zo een twee tot drie minuten per zijde duren. verwarm de oven intussen voor op 200 °C.
Snij een ui in groffe stukken, en snij de vier tomaten ook in groffe stukken. Pel vier teentjes look en snij deze fijn.
Als de lamsschouder is dichtgeschroeid, neem die dan uit de braadslee of pan, voeg de ui, de look en de tomaten toe en bak deze tot de ui glazig wordt. Neem de braadslee of pan van het vuur. Als je een braadslee gebruikt kan je deze verder blijven gebruiken. Zo niet vervang je de braadslee door een vuurvaste schaal. Schik de lamsschouder boven op de ui, de look en de tomaten zet in  de voorverwarmde oven voor een kwartier. Neem de braadslee na een kwartier uit de oven, kruid met zwarte peper, een snuif zout, drie laurierblaadjes en een takje of twee verse tijm. Blus met de witte wijn.
Laat de oven intussen koelen tot 150 °C. Dek de braadslee of vuurvaste schaal af met aluminiumfolie en zet ze dan terug in de oven op 150 °C. Laat twee volle uren garen.
Kuis de wortelen en snij deze in schijfjes van een halve centimeter dik. Hou deze apart.
Schil de aardappelen, zet ze in een pot onder water met een flinke snuif zout, giet een stevige scheut olijfolie in de pot en hou deze opzij.
Je hebt nu anderhalf uur pauze.
Een half uur voor de lamsschouder gaar is werk je verder.
Kuis de tweede ui en snipper deze zeer fijn. Neem een kookpot die ruim genoeg is om de wortelen in te stoven.
Doe een flinke eetlepel braadmargarine in de pot, en laat deze op een matig vuur smelten. Als de braadmargarine gesmolten is voeg je de gesnipperde uit toe. Bak de ui glazig, voeg de wortelen toe en een half glas water, drie suikerklontjes en een laurierblad. Kruid met zwarte peper, draai het vuur laag en laat ongeveer een half uurtje stoven. Roer nu en dan om, zodat de ui en de wortelschijfjes gemengd worden.
Kook de aardappelen beetgaar, giet deze af, en schud op. Zet het deksel op de pot om warm te houden.
Wanneer de lamsschouder na twee uren garen klaar is, neem dan de schouder uit de braadslee, en hou deze even apart.
Vis de laurierblaadjes en de tijm uit de braadslee.
Mix de groenten en de braadjus in de braadslee, neem een steelpannetje en giet de gemixte jus door de zeef in het steelpannetje.
Zet de jus op een hoog vuur en laat tot 1/3 inkoken. Roer regelmatig om.
Laat de lamsschouder ontspannen in een oven op 80 °C tot de jus voldoende is ingekookt. Als je graag een wat steviger gebonden saus hebt kan je deze binden met maiszetmeel. Hiervoor voeg je een flinke eetlepel maizena toe aan de jus en laat deze even doorkoken.
Neem de lamsschouder uit de oven en snij plakken van een centimeter vlees af. Schik deze in een schaal. Zet de gestoofde wortelen, de aardappelen en de jus op tafel en brul 'aan tafel'.
Smakelijk.

Ingrediënten:
1 lamsschouder van ongeveer 1,5 kg
1,5 kg wortelen
1 kg aardappelen
2 uien
4 vleestomaten
5 tenen verse look.
Twee takjes tijm
Vier laurierbladeren
Zwarte peper
zout
drie klontjes suiker
2 dl droge witte wijn
Twee eetlepels braadmargarine
een scheut olijfolie

Braadkip met rauw witloof en gebakken rozemarijn patatjes.

Rang.
Hier is het eerste recept. En gelijk een klassieker.
Een simpel recept om te beginnen.
Je moet echt wel een kalf zijn om dit te verprutsen.

Braadkip met rauw witloof en gebakken rozemarijn patatjes.
Voor vier personen.
.
Een gerechtje dat je elk seizoen op tafel kan zetten.
We gaan eraan beginnen.
Veel hebben we er niet voor nodig.
Een flinke kookpot (vijf liter inhoud) en als het even kan een gietijzeren geëmailleerd exemplaar. Heb je dat niet, geen paniek, een gewone kookpot met een inhoud van vier à vijf liter doet het ook wel.
Een scherp mes. Da's ook altijd handig.
Een mixer. Want we gaan het witloof rauw serveren, met mayonaise.
De kookpuriteinen onder ons zien die mayonaise liever met een garde geslagen, maar gelet om mijn gezondheid, en mijn gepatenteerde luiheid kies ik hier toch voor een mixer. Zo'n simpel staafmodel.
Een snijplankje, Als je het aanrecht van je keuken niet wil geselen is ook altijd welkom.
Een keukenschaar hebben we ook nodig. Zo een ding dat door alles knipt. Om de kip straks in stukken te verdelen.
Een fornuis hebben we ook nodig. Elektrisch, op gas of inductie, het speelt niet veel rol. Voor mijn part gebruik je een Leuvense stoof.
We hebben nog een tweede kookpot nodig, voor de patatjes.
En een flinke pan. Ook voor de patatjes.
We hebben een maatbeker nodig, om de mayonaise te maken.
Eentje van een liter. Da's meer dan genoeg.
En iets om de mayonaise, als die klaar is, in te bewaren. Zelfgemaakte mayonaise laat zich makkelijk tot twee maanden bewaren in de koelkast. Ik gebruik daar een steriliseer bokaal voor, maar als je dat niet hebt, eender welk potje met deksel kan even goed dienen.
We hebben ook nog een schaal nodig, om het rauwe witloof in te doen.

Reken op dik anderhalf uur om dit gerechtje op tafel te zetten.

Het is tijd om te gaan winkelen.
Om te beginnen hebben we een kip nodig. Voor vier personen is een kip van 1 kg echt wel een minimum. Mik op een kip van 1,2 kg, dan heb je zeker genoeg.
Doe de moeite om een kwalitatieve kip te kiezen.
Koop geen soepkip. Wel een goede braadkip. Het kost iets meer, maar de smaak van een goede kip is onbetaalbaar. Als er een polier in je buurt is, stap daar dan binnen, eerder dan in de supermarkt. Vraag aan je polier om de kip op te binden. je kan dat zelf ook wel, maar dat vraagt wat handigheid en touw dat geschikt is voor kookdoeleinden.
Ga daarna langs bij de fruit en groenten handelaar, en koop daar je aardappelen en witloof.
Voorzie anderhalf stronkje witloof per persoon. Voor vier personen heb dus je zes flinke stronkjes nodig. Koop witloof dat op volle grond werd geteeld en niet op een watercultuur.
En kies voor een aardappel die bloemig kookt. Vastkokende aardappelen kunnen ook wel, maar die bakken niet echt krokant.
Neem gelijk ook wat verse knoflook mee, verse tijm, een dikke ui, twee sjalotten en een zakje gedroogde laurierbladeren.
Bij de kruidenier pikken we melkerijboter zonder zout op, en braadmargarine.
Voor de mayonaise hebben ook nog wel wat dingen nodig.
Een goede olie die geschikt is voor koude bereidingen. Zonnebloemolie bijvoorbeeld, of arachideolie.
Twee eieren, azijn, een citroen en wat mosterd.
Peper en zout hebben we ook nog nodig, en paprikapoeder. Van een milde paprika. Dat vind je allemaal bij de kruidenier. Of als het echt moet, in de supermarkt.

Als we alles in huis hebben kunnen we aan de slag.
Omdat de kip best wel wat tijd nodig heeft om te garen beginnen we met de kip.
Kuis de sjalotten en steek die hun geheel in de kip. Gewoon erin duwen.
Kruid de kip met royaal met paprika poeder. Wrijf het paprikapoeder met de hand over de kip.
Zet de pot op een hoog vuur, en doe een flinke eetlepel melkerijboter in de pot. Doe ook een even grote hoeveelheid braadmargarine in de pot en wacht tot de vetstof bruist.
Doe de kip in de pot en 'kleur' de kip. Schroei de kip dicht met andere woorden. Kuis intussen vier flinke tenen knoflook, kneus de knoflook door er je mes plat op te leggen en er dan een flinke mep op te geven en doe de knoflook in de pot.
Kuis de ui, en snij de ui in ringen. Voeg de ui bij toe in de pot, samen met een takje verse tijm, en drie flinke laurierbladeren.
Draai dan het vuur onder de pot naar een klein vuurtje, doe het deksel op de pot en laat de kip garen.
Reken op een uur per kilogram kip gaartijd.
Dus voor onze kip van 1,2 kg hebben we een uur en dik tien minuten nodig.
Tijd voor de rest dus.
Schil de aardappelen, en doe ze in een pot met gezouten water. Voeg een beetje (olijf)olie toe aan het kookwater, twee eetlepels is genoeg, om te voorkomen dat de aardappelen 'overkoken'.
Kook de aardappelen beetgaar. Dat wil zeggen dat als je er met een vork in prikt die vork er niet vanzelf mag inzakken.
Giet de aardappelen af en laat ze afkoelen.
Intussen maken we de mayonaise.
Neem een maatbeker van minimum één liter.
Doe twee eierdooiers in de maatbeker.
Pers een halve citroen en hou het citroensap apart.
Doe twee eetlepels water in de maatbeker, en twee eetlepels azijn.
Voeg een stevige eetlepel mosterd toe, kruid met (zwarte) peper en zout, en voeg 400 ml olie toe.
Zet de mixer in de maatbeker en mix even. Als in de maatbeker een witte massa ontstaat, stop met mixen, en voeg het citroensap bij. Mix daarna verder tot je een stevige mayonaise hebt.
Proef, kruid eventueel bij met peper en zout, mix nog eens en doe de mayonaise in de steriliseerbokaal.
Zet de mayonaise in de koelkast.
Neem nu het witloof.
Snij het 'kontje van het witloof, halveer het witloof in de lengte en halveer dan nog eens ( in vier parten snijden). Snij daarna de parten fijn, in blokjes van een halve centimeter. Doe het witloof in een schaal, kruid met zwarte peper en voeg vier flinke eetlepels mayonaise toe. Meng de mayonaise onder het witloof. De citroen in de mayonaise voorkomt dat het witloof verkleurt.
Zet de schaal in de koelkast.
Twintig minuten voor de kip gaar is, zetten we een ruime pan op een middelmatig vuur, doen er een flinke eetlepel braadmargarine in en snijden de intussen afgekoelde aardappelen in schijfjes van ongeveer een centimeter dik. Strooi ruim gedroogde rozemarijn over de aardappelen en bak deze langzaam krokant. Roer de aardappelen regelmatig om, zodat ze goudbruin bakken aan beide kanten.
Eens de aardappelen gebakken draai je het vuur uit en zet een deksel op de pan om ze warm te houden.
Haal de kip uit de poten knip met de schaar de bouten van de kip. Knip daarna de kip in twee zodat je twee 'filets' krijgt. Je hebt nu vier stukken.
Schik de kip in een schaal, en brul 'aan tafel'.
Zet voor de liefhebbers de huis bereidde mayonaise op tafel.
Smakelijk.

Benodigdheden:
1 stevige  braadkip (vrije uitloop)
Zes stronken witloof op volle grond geteeld
1 dikke ui
2 sjalotten
4 tenen verse knoflook
25 gr melkerijboter
2 x 25 gr braadmargarine
1 kg bloemig kokende aardappelen
takje tijm
3 laurierblaadjes
zwarte peper
zout
mild paprikapoeder
gedroogde rozemarijn

Voor de mayonaise:
2 eieren (dooiers)
2 eetlepels water
2 eetlepels azijn
zwarte peper
zout
1 flinke eetlepel mosterd
sap van 1/2 citroen
400 ml neutrale olie (zonnebloem of arachideolie)



dinsdag 6 december 2016

Een nieuwe blog.

De nacht brengt dikwijls raad.
Zo ook de voorbije nacht.
Een beetje de buik vol van de vandaag heersende gezondheidshype wil ik een manier zoeken om wat tegengas te geven.
De conclusie was snel getrokken.
Tijd voor een nieuwe blog. Naast het verhaal van knokken tegen kanker, ligt er nog een te vertellen verhaal.
De titel was even snel gevonden.
‘De vergeten keuken.’
Of hoe mijn grootouders, die van hun grootouders leerden koken mij de basis van ‘goed eten’ bijbrachten.
Gezonde voeding wordt vandaag te veel met calorie arm, glutenvrij, lactose intolerantie, verzadigde en onverzadigde vetten en nog een trits andere pseudowetenschappelijke termen geassocieerd, om mensen te bewegen tot het kopen van producten die op de ene of de andere manier voldoen aan de ‘voorschriften’ en steevast veel te duur zijn.
In de keuken van grootmoeder ging niets verloren, werd er gewerkt met wat moeder natuur bood op dat moment en kreeg je vreemde blikken als je bij de bakker vroeg achter een glutenvrij brood. Je werd dan bekeken alsof je van een andere planeet kwam.
Punt is dat in een evenwichtige voeding alles aanwezig is.
Ook die dingen die vandaag als ongezond worden beschouwd.
De potten shakes en poederkes die in een glas water moeten opgelost worden om aan te vullen wat we hoegenaamd te kort komen en die een arm en een been kosten wil ik graag naar een baan om de aarde verwijzen.
Back to the roots.
Er is niks mis met een ‘noen’ die zonder fancy keukenuitrusting zoals stoomovens en microwaves werd klaargemaakt.
Mijn grootmoeder zaliger kreeg eens een microgolfoven cadeau voor een kerst, fier afgegeven door alle kinderen. Het ding is van de feestdis naar de kelder verhuisd en daar nooit meer uitgeraakt. Ze vertrouwde het niet. Het stond voor haar gelijk met X stralen, en daar vallen uw tanden van uit.
‘Een machien dat iets warm maakt zonder een vuur eronder kan toch niet goed zijn’ was haar filosofie, en ze bleef vasthouden aan haar vuur, haar gasoven en haar haar gietijzeren potten.
Ter info, ik had twee grootmoeders. Zoals ieder normaal mens. Mijn ene grootmoeder werd 89 jaar, de andere 93.
Zonder glutenvrije voeding, met koemelk en met varkensreuzel.
Ze bereikten beiden deze gezegende leeftijd zonder noemenswaardige gezondheidsperikelen. Met andere woorden, ze overleden door ouderdom…
Het zette me aan het denken.
Tijden veranderen. Dat klopt. Het aanbod aan voeding is vandaag een honderdvoud van wat mijn grootouders voor handen hadden.
Maar dat neemt niet weg dat grootmoeders receptenboek voor mij vandaag van onschatbare waarde is.
En ik kook volgens de geest van hun recepturen. Met wat de versmarkt me biedt.
Ik had al meer dan een jaar dood moeten zijn met de diagnose die ik kreeg.
Ik loop hier nog steeds rond.
Eén en ander schrijf ik toe aan de dagelijkse keuken die ik voor mezelf, mijn vrouw en vrienden op tafel zet.
Eten is meer dan je voeden alleen. Het is een savoir vivre.
Een vriend van me heeft een klein restaurantje hier in het Gentse, is eigenaar, chef en commis, boekhouder en afwasser, en kookt volgens de regeltjes van grootmoeder. Met eerlijke producten  en zet je voor wat mijn grootmoeder je op een ‘zondag’ zou voorzetten.
Zijn restaurant zit alle dagen afgeladen vol.
Zijn aanbod is niet goedkoop. Echt niet.
Iedereen vind zijn keuken formidabel. Ik ook trouwens.
Omdat glutenvrij hem een worst zal wezen.
Hij zijn vlees bakt in ‘goei’ boter.
En zijn producten niet in de supermarkt koopt, maar bij lokale kleine zelfstandigen, die nog bezig zijn met wat ze verkopen.
Daarom deze nieuwe blog.
‘De vergeten keuken’.
Vergis je niet.
Goedkoop zijn de recepten niet. Goedkoop in de zin van ‘cheap’.
Ze vragen wat moeite. Niet zozeer een dikke portemonnee.
Gemakkelijk zijn ze wel.
Als je naast een stoomoven en microgolfoven nog over een eenvoudig fornuis beschikt in je hedendaagse ‘state of the art’ keuken ten minste.
En je een stel potten en pannen hebt. Waarvan ten minste ééntje in de vorm van een geëmailleerde gietijzeren versie.
En wat tijd.
Om te koken.
Want echt koken vraagt tijd.

In deze nieuwe blog zal ik regelmatig recepten publiceren, op grootmoeders wijze.
Zonder dure termen, wel met een heldere en duidelijk verstaanbare uitleg over hoe en wat.
En zonder dat je in de wagen moet stappen om in een speciaalzaak 50 km verderop aan de ingrediënten te geraken.
Mijn bomma’s moesten hun boodschappen ook te voet doen.
En met een beetje zoeken vind je in je buurt gegarandeerd alles wat je nodig hebt.

Ik ben geen chef, verre van. Ik wil ook niet pretenderen van dat te zijn.
Maar van wat ik op tafel zette is nog nooit iemand ziek geworden. Ongeacht de gluten die ik erin draai, de verzadigde vetten of de suikers.
En ‘dit is niet te vreten’ kreeg ik ook nog niet als opmerking.
Have fun, zou ik zo zeggen.
Kook met plezier en eet met smaak.

Net zoals ik dat doe.
Hier is em dus, de nagelnieuwe blog.
Veel leesplezier.